Het magisch realisme leefde rond de jaren 1920 in enkele landen van Europa en Latijns-Amerika. In Duitsland heeft de kunstcriticus Franz Roh deze stijl getypeerd. Het is een versmelting van tastbare werkelijkheid met hallucinatie en droombeelden. Buiten de schilderkunst viel ook snel de literatuur ten prooi. Deze literaire stijl is niet te verwarren met de fantastische literatuur waar angst en vertweifeling de kruiden ervan vormen. Het magisch realisme was een natuurlijk deel van het leven, vaak zelfs naar de zakelijke kant toe, documentair, hoewel magisch. Het ontplooide zich als deel van de Neue Sachlichkeit, stroming in de jaren van Weimarer Republik, waartoe ook het verisme en een Neue-Sachlichkeitsgetypeerd classicisme behoren.