Keizer Wilhelm II wou zijn Deutsches Kaiserreich optillen tot absolute grootmacht en lag daarbij aan de basis van de wrevel van Rusland, Frankrijk en Groot-Brittannië. Pruisen schuwde die wrevel niet. Dat resulteerde is een Duitse aanval op België in 1914 om de weg vrij te hebben ter aanval op de Franse troepen in de rug. Deze laatsten hadden zich immers preventief opgesteld aan de Frans-Duitse grens. Tevoren had keizer Wilhelm II een alliantie met Oostenrijk-Hongarije in werking gesteld, die wederzijdse steun verzekerde. Die steun wou Pruisen aan Oostenrijk geven tegen een vermeende aanvalslust van de Russen na de moord op de Oostenrijkse kroonprins in Sarajewo door het Russische gezinde Servië in datzelfde jaar. De Eerste Wereldoorlog werd een feit. Vier jaar later moest Duitsland capituleren en eindigde het Deutsche Kaiserreich, het Tweede Duitse Rijk.